dinsdag 2 augustus 2016

ALASKA – THE COAST



Onderweg naar de kust trekken er donkere wolken over ons hoofd voorbij en hebben we af en toe een flinke regenbui. We waren al gewaarschuwd dat er aan de kust altijd meer bewolking en regen is dus dat zal dan zo wel  moeten. Sommige mensen, hier in Alaska, beweren dat de zomer eigenlijk voorbij is en dat het vanaf eind juli stilaan herfst wordt. Het weer in Alaska is iets raar, ze zeggen hier dat er maar twee seizoenen zijn : 8 maanden winter en 4 maanden wegenwerken seizoen. Dat is echt niet gelogen want overal zijn er wegenwerken en de herstelde wegen zijn nog bar slecht, het is van Zuid-Amerika geleden dat we zo’n wegen vol putten en gaten gehad hebben.


Onderweg naar Homer vinden we een schitterend overnachtingsplekje aan de kust, we staan op het strand en genieten van een schitterend uitzicht op twee vulkanen. Homer is een enorme tegenvaller, het is er vuil en vies, overal liggen autowrakken en geroeste boten en het regent nog ook.  Zo snel we kunnen, verlaten we Homer en rijden naar Kenai, een kustplaatsje waar, deze tijd van het jaar, duizenden vissers samenkomen.  Als we ’s avonds bij Walmart parkeren , denken we eerst dat we per ongeluk op een camping gereden zijn. Ik ben even over de parking gewandeld en heb 72 mobilhomes geteld en dan zijn er nog veel die gewoon in hun auto slapen.  Bij de rivieren, in Kenai, staan overal vissers tot hun middel in het water met reuzegrote schepnetten (dipnets), ze scheppen de zalm, die stroomopwaarts aan het zwemmen is, gewoon op. Vissen noemen ze dat, elke inwoner van Alaska mag 5 kilo , per gezinslid vangen en we zijn hier één van de weinige auto’s zonder groot schepnet op. Seward, een kustplaatsje op een ander schiereiland, is dan weer een meevaller. Het is gelegen aan een prachtige baai, we kunnen hier een paar uurtjes van de zon genieten voor de hemelsluizen weer opengaan. Terug op weg naar Anchorage rijden we, door de stromende regen, naar Hope in de hoop op beter weer. Beter weer hebben we niet gevonden maar we zijn onderweg Trijntsje en Ype tegengekomen, we hebben ons naast elkaar op een parking gezet en zo een paar uurtjes bij gekletst. Het was een prettig weerzien en ik ben zeker dat het niet de laatste keer is dat we elkaar zien.

Door een prachtig berglandschap rijden we naar Valdez, een haventje aan de Prince William Sound waar we een dagcruise willen maken. Als we ’s avonds parkeren aan een kleine baai zien we dat de zalm volop stroomopwaarts aan het zwemmen is, dit is een waar vreetfestijn voor de zeeleeuwen en voor de beren. We zien enkele keren een beer die zich tegoed doet aan de grote zalmen en de zeeleeuwen die zwemmen gewoon met hun bek open door de zee, we genieten van dit schouwspel. De dagcruise met Stan Stephens Cruises was een schot in de roos, de boot was helemaal toegankelijk voor Jos, het personeel supervriendelijk en de trip onvergetelijk. We varen door de Prince William Sound en zien onderweg zee-otters lekker op hun rug, in de zee, luieren. Onderweg naar Meares gletsjer passeren we glinsterende  ijsschotsen waarop zeehonden liggen en zien we ook nog een paar walvissen zwemmen. De gletsjer is het hoogtepunt van de trip,  we varen vlak langs de prachtige ijsblauwe wanden van de gletsjer en het is onmogelijk om uit te leggen hoe mooi dit is. Na Valdez gaat het terug richting Tok om dan via de Top of the World Highway terug naar Canada te gaan.



Alaska stond op onze bucket list. Zowel de natuur als het weer zijn ruw en ruig, de bevolking is een mengeling van Natives, goudzoekers, avonturiers, vissers en hier en daar iemand die ergens anders gaan lopen is, in Alaska kun je perfect in de anonimiteit leven, het is er groot genoeg. Alaska is mooi, uitgestrekt, ruig  maar toch heeft Alaska , in tegenstelling tot sommige andere landen of staten, geen speciaal plekje in mijn hart.

Geen opmerkingen: