Na een lange zomer in Belgie is het weer tijd om te vertrekken. Jos verteert de koude hier maar moeilijk dus vliegen we naar het Zuiden, we ruilen de Maatjes in voor de woestijn.
Wij hebben een heel relaxte vlucht van 9 uur naar Minneapolis waar we de USA binnenkomen en waar we 4 uur moeten wachten op onze aansluiting naar Phoenix. Na 3 uurtjes vliegen zijn we in Phoenix waar we heel snel onze koffers hebben en heel vlotjes een taxi vinden naar de Storage. Het gaat nogal gemakkelijk allemaal en dat blijft gewoonlijk niet lang duren.
Als we bij de Storage aanko;en staat de Josmobiel al van verre te blinken maar, zoals Jos al verwacht had, wil hij niet stqrten. 6 maanden stilstaan is niet echt gezond voor een autobatterij. De Jos wordt thuis niet voor niets Mc Gyver genoemd en knutselt iets ineen waarmee hij, via de batterij van de mobilhome, de batterij van de auto kan starten. Het klinkt allemaal veel simpelder dan het op dat moment was maar na veel gevonk, geknetter en gevloek doet de Josmobiel wat hij moet doen, starten. Omdat we inmiddels bijna 24 u wakker zijn, blijven we bij de Storage overnachten.
-s Morgens rijden we naar Reinhards German Autohaus, onze garage in Phoenix. Reinhard plaatst een nieuwe batterij en alle onderdelen die we van thuis meegebracht hebben. De volgende dagen zijn goedgevuld met werken aan de electriciteit van de mobilhome want er zijn hier en daar wat problemen. Jos legt me rustig en duidelijk uit wat ik moet doen zodat de schakelkast niet langer een buitenaards ding is voor mij. Ik plaats, op zijn aanwijzingen, nieuwe zekeringen en vervang hier en daar wat, wij zijn een goed team.
Voor we naar Mexico gaan, willen we eerst de Apache Trail nog eens rijden. De weg is 65 km lang en is voor de helft slecht geasfalteerd en voor de helft gravel. De Apache Trail is een van de mooiste wegen die wij ooit in de USA gedaan hebben. De gravelweg is slecht, veel wasbord, veel putten maar de omringende natuur doet ons al dat geschud en gekraak van de auto vergeten. Okerkleurige rotsen in allerlei vormen, verborgen kloven en ravijnen, azuurblauwe meren en honderden verschillende soorten cactussen maken het plaatje compleet, het enige wat ontbreekt zijn de Apachen.
Bij Apache Lake vinden we een droomplekje, onder de bomen met zicht op het meer en hier gaan we een paar dagen uitrusten. Al gauw krijgen we het gezelschap van een Duits koppel, ze zijn op weg naar Zuid Amerika en kunnen best wat informatie gebruiken van een paar oude rotten in het vak.
Terug in Phoenix doen we wat boodschappen, bellen we met het thuisfront en maken alles in orde om naar Mexico te vertrekken. Onderweg naar de Mexicaanse grens stoppen we bij het Indianenreservaat van Xavier Del Bac, we rijden hier speciaal naartoe om fry bread te kopen. De Indianen gooien een bolletje deeg in kokend vet en dan krijg je een soort opgeblazen, krokante pannekoek. Het is in ieder geval grellig lekker. In Nogales, de laatste plaats voor de grens, stoppen we om te overnachten en nog eens goedkoop te tanken. Omdat de politiecontroles in Nogales zo opgedreven zijn, mag je nergens meer vrij overnachten en gaan we noodgedwongen naar een trailerpark.
De volgende morgen staan we al goed op tijd bij de Mexicaanse grens waar we heel vriendelijk ontvangen worden door de Mexicaanse douanes. Ze leggen alles duidelijk uit, kijken eens vluchtig in onze auto en wensen ons een heel goede reis door Mexico. 20 km over de grens zijn de kantoren om onze auto in te voeren en ook daar verloopt alles heel soepel. Ik ga alleen naar de kantoren voor de formaliteiten en als ik zeg dat mijn man in een rolstoel zit, gaan de douanes gewoon met mij terug naar de auto en daar wordt alles ter plaatse geregeld.
Mexicanen zijn gewoon een heel vriendelijk en warmn volk, wij voelen ons hier echt op ons gemak. Na een aantal uren rijden en ontelbare verkeersdrempels stoppen we bij een kleine camping voor onze 1ste nacht in Mexico. Het volgende verslag zal er waarschijnlijk een zijn vanop een Mexicaans strand van onder de palmbomen.
zaterdag 11 november 2017
dinsdag 14 maart 2017
ZUID-ARIZONA
ZUID ARIZONA
Wij starten onze zoektocht naar storage voor de Josmobiel en
algauw blijkt dat wij echt niet de enigen zijn die storage aan het zoeken zijn.
We stoppen bij de eerste storage die we zien en daar is geen enkel plekje vrij
maar die geven je dan weer een paar andere adressen. Zo rijden we van het ene
bedrijf naar het andere en uiteindelijk na 11 keren “sorry we are full” is er
eindelijk een plekje vrij voor de Josmobiel.
Het is een hele opluchting dat we een veilig plekje gevonden hebben voor
de auto en nu resten ons nog twee weken in Arizona.
We hebben alletwee het gevoel dat we veel te vroeg
vertrokken zijn uit Mexico en kunnen hier in het zuiden van Arizona onze draai
niet goed vinden. Het verschil is te groot, van de vriendelijke, open Mexicanen
ineens naar de stugge mensen in Phoenix, hier wonen niet bepaald de meest
vriendelijke Amerikanen. Ik krijg het ook serieus op mijn heupen van de
waanideeën die ze hier hebben over Mexico, als ze horen dat we de winter
doorgebracht hebben in Baja en volgende winter naar Mexico willen gaan dan
schudden ze verbaasd hun hoofd……………..zo gevaarlijk daar in Mexico. Ze zitten hier in het zuiden van Arizona met
duizenden bejaarden te overwinteren , allemaal met hun wapens bij en dan maar
verhalen verzinnen over shooting incidents aan de andere kant van de grens. Het
is op die enorme campings met overwinteraars gevaarlijker dan gelijk waar want
elke bejaarde heeft minstens één geweer bij en volgens mij zijn daar ook wel
eens shooting incidents.
We laten Phoenix en de overwinteraars achter ons en rijden
een beetje verder naar het zuiden. Aan
het kerkje van Mission Xavier del Bac stoppen we om Indian Fry bread te kopen.
Op het plein voor de prachtige kerk verkopen de Indianen, uit het reservaat,
Fry bread. Het brood wordt in kokende
olie gebakken, het is vet en waarschijnlijk niet echt gezonde voeding maar wel
crimineel lekker. Tegen de avond vinden we een kampplaats op BLM land en dat is
bijna altijd gratis. We staan in de heuvelachtige prairie, er zijn hier totaal
geen voorzieningen en ’s nachts hoor je de coyotes, vlakbij de auto, huilen. Een beetje verder naar het zuiden vinden we
per toeval een wondermooi plekje, de kleine camping ligt verscholen tussen de
bomen en is omringd door hoge rotsen. De
kleine camping doet zijn naam, Sunny Flats, eer aan want de zon schijnt volop
en we besluiten hier drie dagen te blijven. We kunnen hier lange wandelingen
maken en het plekje is vooral bekend bij vogelliefhebbers, dus Jos kan zijn
hart ophalen.
We laten Sunny Flats achter ons en rijden over de bergen
naar Chiricahua National Monument, het is een mooie rit over een smalle, steile
gravelweg. Het is stil hierboven in de bergen, we zien een paar groepen herten
en iets later zelfs een lynx. Het Chiricahua National Monument is een klein
Nationaal Park, dit was vroeger het territorium van de Apache indianen. Ze
waren hier heer en meester, hun kuddes graasden hier op de vlaktes en ze jaagden
in de smalle kloven van dit prachtige natuurgebied. Als we hier rondrijden zie
ik de Apachen bijna voor mijn ogen, ik zie ze zich schuilhouden tussen de rotsen
en in de kloven op de vlucht voor de blanken.
De blanken hebben hier alle land van de Apachen afgepakt en ze hebben
hen in reservaten gestopt in Oklahoma en in New-Mexico, verschrikkelijk. Ik besluit een korte wandeling te maken naar
één van de uitzichtpunten en spreek met de Jos af dat ik maar een half uur weg
blijf. Ik vertrek, stom genoeg, zonder water of hoofddeksel naar het
uitzichtpunt en daar heb ik waarschijnlijk een verkeerde weg genomen. Ik blijf
maar lopen, zie nergens wegwijzers meer en ik krijg een verschrikkelijke dorst
en na 2.5 u, in de brandende zon, kom ik eindelijk terug op de parking bij een
dodelijk, ongeruste Jos aan. Mijn lippen
staan vol koortsblaren en ik ben misselijk en heb hoofdpijn, ik zal voortaan
wel water meenemen en misschien ook een kaart.
We blijven nog een paar dagen in Phoenix en rijden de
bekende Apache trail, over de bergen en dan wordt het stilaan tijd om in te
pakken. We gaan langs een garage voor de nodige oliewissels, we kopen nog gauw wat zomerkleding voor deze
zomer in België en geven onze was af bij de wasserij. We zitten nu in de
luchthaven van Phoenix, van hieruit vliegen we naar Atlanta/Georgia en daarna
verder naar Amsterdam. We hebben een
geweldige winter gehad in Baja California en onze volgende winter willen we ook
weer in Mexico doorbrengen. De laatste
weken in Arizona viel er nog van alles te regelen maar we hebben toch nog een
paar mooie stukjes natuur gevonden.
Het zal weer aanpassen zijn in België, terug in een huis
wonen, minder zon en veel meer mensen maar het zal heel goed doen om onze
familie en vrienden weer terug te zien.
Tot de volgende reis.
donderdag 2 maart 2017
AFSCHEID VAN BAJA
Hoewel we nog in het zuiden van Baja zijn, beginnen we
stilaan afscheid te nemen van Mexico.
We rijden voor de laatste keer het
Tecolote strand op, we blijven hier om de 66ste verjaardag van
Gebhard te vieren. We hebben Gebhard
& Liesl ergens onderweg leren kennen en we zijn mekaar steeds weer, op de
meest onverwachte plaatsen, tegen gekomen.
De volgende dag nemen we afscheid van onze vrienden en vanaf nu gaat
het, heel traag maar zeker, richting USA.
Na enkele dagen, altijd recht op recht door de saaie
pampa’s, slaan we een gravelweg in naar de kust. De stoffige gravelweg voert
ons door de bergen, soms gaat het redelijk steil omhoog en weer naar beneden.
De Josmobiel kreunt en kraakt weer, wij zijn helemaal door mekaar geschud en
het zand komt langs elke spleet in de mobilhome binnen.
Maar als we boven komen is al het ongemak vergeten : wat een
uitzicht !!! We zetten de auto aan de kant en zitten stilletjes te genieten van
dit prachtig stukje natuur. Als we
beneden aan de kust komen, zien we een klein dorpje met een strandje, Playa San
Cosme. Dit is voor een paar dagen onze plek, er staan nog twee andere
mobilhomes en dat zijn gelijkgestemden want anders rijdt je niet helemaal tot
hier. De mensen van dit afgelegen dorpje leven heel eenvoudig, geen stromend
water, geen elektriciteit maar het is wel heel opvallend hoe vriendelijk,
rustig en blij de mensen hier zijn.
Op Playa Requeson, een droomstrand, waar we altijd moeilijk
weggeraken, koop ik eindelijk iets van de verkopers. Ze komen met hun auto’s
vol spullen alle dagen langs alle stranden en proberen je iets aan te
smeren. Dezelfde verkoper komt al weken
langs onze mobilhome, ik zeg alle dagen nee en hij komt trouw elke dag weer. De
laatste dag dat we daar zijn, zegt hij dat zijn hart breekt omdat ik niets koop
en dat mogen we niet laten gebeuren dus laat ik me met een glimlach flink
afzetten.
Langs de stranden tussen Loreto en Mulegé, waar we ook weer
een paar dagen blijven hangen, rijden we
naar San Ignacio om walvissen te zien, deze tijd van het jaar zijn er heel veel
grijze walvissen in de baai van San Ignacio, ze gaan daar met hele kleine
bootjes het water op en wachten rustig tot de walvissen naar de bootjes komen.
De bootjes liggen in de branding en er is nergens een
steiger, ik vraag me luidop af hoe Jos aan boord moet geraken. De Mexicanen
lachen hun witte tanden bloot en zeggen : “no problema señora, tranquillo” en
ik geloof ze op hun woord. ’s Morgens
zijn we al op tijd bij de bootjes en inderdaad, het is geen enkel probleem.
Twee Mexicanen dragen de Jos, al lachend door het water, naar het bootje en ik
kan je verzekeren : hier wordt een mens blij van.
Het was een fantastische schouwspel, overal waar je keek,
zag je walvissen. Op een gegeven moment
waren er vijf van die enorme kolossen rond ons, ze zwommen naast en onder ons
piepklein bootje door. Het water bruiste en kolkte en een beetje bang maar zo
gelukkig genoten we van de indrukwekkend grote, zachtaardige reuzen. Jos werd weer vakkundig van boord gedragen en
moe maar voldaan rijden we terug naar San Ignacio.
Dit charmante dorpje is een oase van rust en stilte, het
ligt verscholen tussen de citroenbomen en dadelpalmen en op de kleine Plaza
lijkt het of de tijd heeft stilgestaan. Dit is het perfecte decor om zo’n dag,
met een lekkere Margarita, af te sluiten.
Verder naar het Noorden blijven we nog een paar dagen op een
strand hangen om al onze groenten, fruit en vlees op te eten want dat mag je
niet binnenbrengen in de USA. Het is zover we staan, met een lege ijskast, aan
te schuiven om de USA binnen te rijden. We rijden langs de muur (die er al
jaren staat) en het is grappig om te zien dat de Mexicaanse verkopers de muur
gebruiken om hun koopwaar aan op te hangen. De grensformaliteiten gaan heel
vlotjes, de douanes zijn heel vriendelijk en we worden hartelijk welkom geheten
in de USA.
We hebben een zalige winter doorgebracht in Baja het was
meer dan dat, we voelden ons daar echt thuis. De Mexicanen zijn een warm,
vriendelijk en opgewekt volk, het is er rommelig en alles verloopt er een
beetje chaotisch maar dat heeft ook zijn charme. Het eten in Mexico is echt
goed, zelfs op straat aan de typische eetstandjes kan je goed eten. We hebben regelmatig vis gekocht bij de
vissers aan de stranden en groenten en fruit kan je overal, langs de kant van
de weg, in overvloed kopen. Wat het weer
betreft, dat was schitterend. We zijn 10 december binnengekomen in Mexico en we
zijn 25 februari terug vertrokken
en in deze periode hebben we twee
keer regen gehad, in de winter regent het zelden in Baja. Het is, vooral in het zuiden, heel de winter
warm en zonnig en wij gaan zeker en vast terug komen.
We zijn nu in Arizona en we gaan, in Phoenix, op zoek naar
storage voor de Josmobiel, die het trouwens supergoed gedaan heeft en nu wat
rust verdient.
maandag 30 januari 2017
ANOTHER DAY IN PARADISE
“Another day in
paradise” dat is hoe we mekaar ’s morgens begroeten op Playa Tecolote. De
playa’s ten noorden van La Paz zijn dan
ook echt een droom, alleen witte stranden en een azuurblauwe zee. Op Tecolote kan je gratis kamperen maar er
zijn totaal geen voorzieningen altijd prachtige natuur, als je behoefte hebt
aan restaurantjes of terrasjes of wat dan ook, dan moet je hier niet zijn maar
30 km verder in La Paz. Na 5 of 6 dagen wild kamperen gaan de meesten één dagje
naar de camping in La Paz om water te tanken, de was te doen, mails en
berichten te checken, telefoneren als het internet mee wil werken en na een
bezoek aan de supermarkt kan je dan weer terug naar de playa’s voor een dag of
6.
Wij rijden terug naar La Paz want het Via PanAm team is op
weg naar het stadje. We blijven, samen met hen, een paar dagen in La Paz want
ze hebben daar één en ander te regelen. De auto van Liesbeth en Weking is langs
achter aangereden door een, veel te snelle, Mexicaan en moet hersteld worden en
ook de overtocht naar het vasteland van Mexico moet geregeld worden en voor de
rest willen we gewoon, samen een paar dagen van mekaars gezelschap genieten.
Na 2 dagen in het gezellige La Paz willen we samen nog een
nacht op Playa Tecolote doorbrengen en vandaar gaan ze dan de ferry op naar het
vasteland. Wij rijden al vroeg naar het
strand, beladen met een aantal flinke steaks en nog veel meer lekkers terwijl
zij nog een aantal zaken in La Paz regelen. De meeste mensen op Playa Tecolote
zijn inmiddels op de hoogte van wat en wie het Via PanAm team is en wat ze
doen, ze worden dan ook met open armen ontvangen door onze mede-kampeerders. De
dag na de barbecue wordt ik met een raar gevoel in mijn maag wakker want
vandaag nemen we echt voor lange tijd afscheid van onze kinderen. Onze laatste
dag samen brengen we door op het strand in de stralende zon, er wordt wat
gezwommen, gebabbeld met de buren en ons Liesbeth knipt nog heel vakkundig mijn
haar en dan is het zover….. het afscheid is zowel voor ons, als voor hen niet
gemakkelijk. Vanavond om 8.30 u vaart de ferry uit en we beloven om hier met
z’n allen met onze lichten te knipperen als ze passeren. Groot is onze
verbazing als ze ’s avonds om 8 uur terug op Playa Tecolote aankomen. Door een
stomme fout van de Mexicaanse douane mochten ze niet aan boord en moeten ze
morgen terug naar La Paz om bepaalde documenten op te halen.
Dat wordt dus nog maar eens afscheid nemen van Liesbeth en
Weking en ook van An en Stiaan, die ook een heel speciaal plekje in ons hart
gekregen hebben. Als ‘s avonds om 8.30 u de ferry langs vaart, knipperen er bij
verschillende auto’s lichten, een felverlicht strand als groet aan het Via
PanAm team. Wij blijven nog een paar dagen op Playa Tecolote maar dan wordt het
weer tijd om een beetje verder te
rijden.
Onze volgende overnachtingsplaats is aan een kleine,
verscholen baai Playa Ensenada Muertos waar juist de vissers binnen varen. Hun
vangst is indrukwekkend, ze hebben verschillende hamerhaaien gevangen maar ook
een witte haai van 2.5 meter lang, er zijn 6 mannen nodig om hem uit het bootje
te heffen en aan land te krijgen. Ik heb er geen foto’s van genomen want dat
wordt daar niet op prijs gesteld omdat het vangen van witte haaien en
hamerhaaien eigenlijk verboden is.
We besluiten naar Todos Santos te rijden waar het énige,
echte “Hotel California” staat. Todos Santos is een gezellig dorpje met smalle
straatjes, veel winkeltjes,
restaurantjes en natuurlijk Hotel California. We rijden juist buiten het dorpje
naar een strandje en we staan nog maar goed en wel geparkeerd als onze Duitse
vrienden van Tecolote hier ook aankomen. De volgende morgen bezoeken we samen
Todos Santos en alhoewel we heel goed weten dat Hotel California een “tourist
trap” is, willen we er absoluut naartoe. Samen met Gebhard en Liesl eten we op
de binnenplaats van het hotel en het is super. Het eten is goed, de obers zijn
vriendelijk, de sfeer is er fantastisch en er wordt, traditioneel, maar één
nummer gespeeld “Hotel California” van de Eagles.
10 minuten buiten Todos Santos ligt een mooi strandje, La
Pastoria en daar gaan we een paar dagen blijven. De attractie hier aan de
Pacific Oceaan zijn de walvissen. Elk jaar komen duizenden grijze walvissen
naar hier om te paren en kleine walvisjes op de wereld te zetten. Ze verlaten
de noordelijke Beringzee en leggen zo’n 10.000 km af naar de kusten van Baja
California.We zien de hele dag de waterstralen van de walvissen en regelmatig
zien we ze, in de verte, springen en spelen in de Oceaan.
Playa Pastoria is ook heel populair bij de surfers. Door de
hoge golven en de stroming is het hier te gevaarlijk om te zwemmen maar voor de
surfers is het een echte speeltuin. ’s Morgens vroeg liggen ze al in de golven
te wachten op de perfecte wave. Het is een apart volkje, de surfers, de meeste
onder hen hebben een oude, roestige pick-up truck, een hond en wat surfplanken
en dat is het dan maar het zijn toffe mensen en we vervelen ons geen seconde op
dit strand.
woensdag 11 januari 2017
KERSTMIS EN NIEUWJAAR IN BAJA.
Kerstavond en Kerstmis blijven toch speciaal, op die dagen
wil je bij je familie of hele goede vrienden zijn. Wij hebben de kerstdagen
doorgebracht met een deel van hen en we hebben er enorm van genoten.
Op Kerstavond hadden we een restaurant met, zoals de
traditie wil, teveel eten en teveel wijn en Kerstdag zelf was een rustige, lome
dag met heel veel zon.
Na de kerstdagen hebben we nog maar eens afscheid genomen
van het Via PanAm team en zijn doorgereden naar het Zuiden. We zullen hen
terugzien half januari als ze de boot nemen naar het vasteland van Mexico. Het
grote afscheid komt steeds dichterbij en ik zie er enorm tegen op, ze gaan dat
zeker en vast heel goed doen met hun vier en ze trekken heel goed hun plan maar
dat wil nog niet zeggen dat wij ze niet keihard gaan missen, april 2018 is nog
zo ver weg.
Het regent als we in Mulegé aankomen , volgens de
plaatselijke bevolking is het 15 jaar geleden dat het in December geregend
heeft. In de zomer gebeurt het dat er een aantal weken heel veel regen valt
zodat er op sommige plaatsen meer dan 1 meter water staat maar dat is het dan
ook voor de rest van het jaar.
De camping in Mulegé staat vol appelsienenbomen, de takken
hangen zwaar door en er hangt een zoete geur. Dit is een paradijs voor iemand
die verslaafd is aan appelsienen en vooral als de eigenaar zegt dat ik er
zoveel mag plukken als ik wil.
Een beetje zuidelijk van Mulegé zijn een aantal prachtige
strandjes. Op het eerste, Playa Santipac, blijven we drie dagen en we gaan hier
ook gelijk Nieuwjaar vieren.
Met Oudejaar eten we, samen met een aantal Canadezen, bij de
Mexicaanse familie die een eethuisje uitbaten op het strand. Het eten en de
Margarita’s zijn lekker en het gezelschap goed.
Van Oud naar Nieuw zitten we samen met een Zwitsers koppel
aan het kampvuur. Nicol en Renato hebben ook een lange tijd door Zuid-Amerika
gereisd en het blijkt dat we veel gemeenschappelijke vrienden en kennissen
hebben. Het is een aangename, rustige Oudejaarsnacht en het taaltje dat we
spreken met de Zwitsers is een mengeling van Engels, Spaans, Italiaans en Duits
maar we verstaan mekaar perfect soms nog beter dan wanneer je allemaal dezelfde
taal spreekt, nu moet je echt luisteren naar mekaar. Onze talenkennis wordt
tijdens deze reis toch weer serieus opgefrist. We komen redelijk veel Fransen
en Duitsers tegen en een Belg past zich altijd aan en probeert iedereen in zijn
taal aan te spreken. Zo kan het gebeuren dat je op een dag Engels, Frans, Duits
en Spaans gesproken hebt of toch iets dat er op lijkt.
Met Nieuwjaar rijden we naar het stadje Loreto met de hoop
op een goede internetverbinding, op de 1ste dag van het nieuwe jaar
wil ik toch graag met het thuisfront bellen. De internetverbinding is bijlange
niet wat we ervan verwacht hadden maar we weten dat daar alles goed gaat en zij
weten dat het ons hier goed gaat en dat is al heel wat.
1 januari 2017 is een warme dag met een stralende blauwe
hemel. Op de camping in Loreto ontmoeten we een Nederlands koppel die overal
ter wereld al gefietst hebben. Ze zijn
in Mexico City vertrokken en doen nu heel Baja California, ik heb veel respect
voor hen want het gaat hier enorm bergop en bergaf en het kan hier serieus
waaien.
We besluiten niet in Loreto te blijven en terug naar één van
de kleine strandjes te rijden. Op Playa
Requeson, aan een kleine schitterende baai, vinden we een mooi plekje voor de
volgende drie dagen.
De Franse familie die we steeds weer tegenkomen is hier ook
aangeland en een dag later komen de Nederlanders, Hans en Francien, er ook
aangefietst. Baja is niet zo groot en er zijn maar weinig wegen dus lijkt het
na een tijdje of je iedereen kent die hier rondreist.
Playa Requeson is een klein paradijsje, buiten een paar
kampeerders en een paar vissers is hier niets of niemand. Er is geen water of
elektriciteit, geen winkels of restaurants.
Je moet zorgen dat je genoeg eten en drinkwater bij hebt want, buiten
vis, kan je hier niets kopen.
Als de kleine vissersbootjes aankomen wordt de vangst ter
plaatse gekuist en verkocht, verser kan echt niet. We kopen voor 1€ een kilo
vis om samen met Hans en Francien te eten, we hebben geen idee welke vis het is
maar het was lekker en verser heb ik hem nog nooit gegeten. Wat een leventje,
begin januari, lekker buiten in het zonnetje op het strand……dan smaakt alles
lekker.
Vandaag was het een heel spektakel toen de vissers op het
strand kwamen. De vangst was rijk, ze hadden verschillende reuze roggen
gevangen en dat duurt even om die te kuisen. De branding kleurde rood van het
roggenbloed en er vlogen honderden vogels, vechtend om een beetje visafval. Het
was een prachtig schouwspel maar ik heb vandaag vandaag geen vis gekocht want
zo’n reuze rog past absoluut niet in het diepvriezertje van de Josmobiel.
Vanmorgen vroeg stond de Braziliaanse jongen, die hier al
weken op het strand woont, aan onze auto met nieuws. Vanaf 1 januari zijn de benzineprijzen hier
flink de hoogte in gegaan en daarom wordt er gestaakt, er zijn al verschillende
blokkades en van hier tot in het uiterste zuiden zijn de meeste benzinestations
gesloten. We besluiten gewoon een paar dagen langer op het strand te blijven
tot de storm wat is gaan liggen, er zijn ergere dingen dan hier in de zon te
zitten. We rijden samen met de Braziliaan naar Mulegé om eten en drinkwater en
daar zien we lange rijen aan de gesloten benzinepomp staan. We praten met een
aantal vrachtwagenchauffeurs, volgens hen zou binnen 2 dagen alles weer terug
normaal verlopen en één van ons geeft ons een adres waar we diesel kunnen
kopen. Met een volle diesel- en
watertank en eten en drinkwater voor een paar dagen rijden we terug naar Playa
El Requeson en inderdaad twee dagen later gaat alles hier in Baja weer gewoon
zijn gangetje. Alhoewel het heel
verleidelijk is om heel de winter hier te blijven hangen, nemen we toch
afscheid van iedereen op El Requeson en rijden verder naar het zuiden.
Onderweg naar het zuiden krijgen we het ineens in ons hoofd
om door het binnenland en door de bergen naar La Paz te rijden. We hebben er
geen idee van hoeveel kilometers deze weg is en van de toestand van de weg
weten we al helemaal niks. We beginnen aan ons off-road avontuur en al gauw
blijkt dat de weg slecht is, het gaat heel traag met 15 km per uur. Tegen de
avond vinden we een prachtig plekje met zicht op de Zee van Cortez en met de
hoop dat de weg morgen beter wordt kruipen we in ons bed. De volgende dag komen
we er achter dat het slechtste stuk nog moest komen, wij vloeken en de
Josmobiel kreunt en nog maar eens zeggen
we dat we dat nooit meer gaan doen, maar we worden wel beloond met een prachtig
stukje natuur, de bergen hebben zo’n mooie kleuren zodat we de praktisch
onberijdbare weg even vergeten. De
temperatuur hier in het binnenland loopt op tot ruim 30 graden en het is heet
en stoffig in de Josmobiel, het zand zit tot in de kasten maar we hebben alle
twee een big smile op ons gezicht van contentement. Het is
geleden van in Bolivië dat we nog zo’n slechte weg gehad hebben, inmiddels
zouden we ouder en wijzer moeten zijn maar blijkbaar komt bij ons het verstand
niet met de jaren.
vrijdag 23 december 2016
BAJA CALIFORNIA - MEXICO
Als we de Mexicaanse grens oversteken, komen we ineens in
een totaal andere wereld terecht.
Hier tellen snelheidsbeperkingen niet meer mee, je moet niet
meer pinken als je afdraait, je mag gerust over een volle witte lijn rijden als
je in wil halen en als de weg breed genoeg is dan maak je gewoon een paar
rijvakken bij.
De grote supermarktketens, zoals in de USA, hebben plaats
gemaakt voor ontelbare kleine winkeltjes waarvan het altijd niet duidelijk is
wat ze verkopen maar na wat zoeken vindt je al gauw alles wat je nodig hebt.
Het is hier rommelig en vooral stoffig want in de dorpen en
stadjes is alleen de hoofdweg geasfalteerd, voor de rest zijn het allemaal
zandwegen.
Ondanks die paar ongemakjes is het hier zalig. Mensen leven
hier meer buiten, alles speelt zich af op straat en overal langs de kant van de
weg staan kraampjes met eten, groenten en fruit, kleding enz…. het lijkt wel of
het hier alle dagen markt is.
Het is hier echt geen weelde en de Mexicanen zijn continu bezig
met overleven maar toch is iedereen hier vriendelijk en behulpzaam. Natuurlijk
worden we beschouwd als “gringo’s” maar toch worden we overal onthaald met een
warme, welgemeende glimlach.
Baja California is een schiereiland met aan de éne kant de
Pacific Ocean en aan de andere kant de Zee van Cortez en in dit deel van Mexico
willen wij onze winter doorbrengen.
Onze eerste afspraak in Baja is met het Via PanAm team. Wij
zijn dolgelukkig dat we onze kinderen en An en Stiaan, in goede gezondheid,
terugzien. Onze Via PanAmmers zijn
supergoed bezig, ze zijn inmiddels een goed draaiend en hecht team geworden en
het “back to basic” leven doet hen zichtbaar heel goed. Wij zijn dan ook
oprecht trots op hen.
We kamperen samen op een schitterend plekje aan één van de
stranden van Baja en als we ’s avonds, met een goed glas wijn, buiten zitten is
het weer overduidelijk hoe hard en ook waarom we Liesbeth en Weking thuis zo
missen. We genieten echt van een paar dagen samen met hen, dan rijden wij en
lopen zij weer verder maar niet voor lang want we gaan samen de Kerstdagen
doorbrengen.
Wij rijden verder Baja in en blijven wat hangen aan de stranden van de Pacific Ocean. We
genieten van de rustige, praktisch verlaten stranden, buiten wat vissers en
hier en daar een verdwaalde toerist zijn we hier alleen, de stranden zijn van
ons en de duinen zijn onze tuin. Overdag is het aangenaam en zonnig maar rond
vijf uur koelt het serieus af en is het tijd om in de Josmobiel te vluchten.In
de Josmobiel zit inmiddels even veel zand als op de stranden van Baja
California maar ik heb besloten van dat te negeren zolang we in Baja zijn, ik
heb trouwens geen keuze want het is een verloren strijd.
Verder naar het Zuiden verlaten we de stranden en rijden we
door de bergen. De natuur is hier droog, dor en woest, prachtig in al haar
ruwheid en de bergen zijn bezaaid met duizenden cactussen in allerlei vormen en
maten, ik hou van dit ruige landschap
waar elk beeld uit een Western film lijkt te komen.
We rijden op ons gemakje naar Guerrero Negro waar we
Kerstmis gaan vieren met de kinderen, wij willen alvast een restaurantje en een
slaapplaats opzoeken voor de rest hier aankomt.
Als we het dorp binnen rijden schrikken we even en denken :
“hier kunnen we echt nooit iets fatsoenlijk vinden, wat een bende is dat hier”,
het regent en de zandwegen zijn herschapen in één grote modderpoel waar de
Mexicanen vrolijk door racen zo hard ze kunnen.
In het dorp ontmoeten we een Duits koppel, zij zijn op weg naar Zuid-Amerika,
we gaan samen iets drinken en hebben een heel gezellige namiddag samen. Reizen
schept toch echt een band.
Als we buiten komen schijnt de zon weer en de straten drogen
weer op, het ziet er direct heel anders uit en als we een paar keer door het
dorp gereden hebben, zijn we het gewoon en ziet het er direct heel anders uit.
We checken wat restaurantjes en vinden uiteindelijk een heel gezellig
restaurantje waar we ook met zijn alle kunnen kamperen.
We vervelen ons totaal niet in het chaotische Guerrero
Negro, vlakbij het dorp liggen mooie lagunes waar honderden verschillende
vogelsoorten zitten. De kijkers worden opgesteld en terwijl wij de vogels
gadeslaan komt het Via PanAm team stilaan onze kant uitgelopen.
Wij wensen iedereen een Zalig Kerstfeest en een Gelukkig,
gezond en liefdevol 2017.
vrijdag 9 december 2016
PACIFIC COAST
We hangen boven de Oceaan ergens tussen Amsterdam en Seattle
en dan heb je tijd genoeg om na te denken.
We zijn twee maanden thuis geweest en die waren redelijk
hectisch. Spannende onderzoeken voor
mij, een ziekenhuisopname voor Jos en tussendoor veel etentjes, feestjes en als
afsluiter een fantastisch, geslaagde Natuurloop. Twee weken voor onze geplande
vertrekdatum krijgen we groen licht van de Cardioloog, op voorwaarde dat we het
rustig aan doen. Geen inspannende fietstochtjes tegen de wind en geen stress
situaties meer voor de Jos, alleen rustig genieten en dat gaan we de komende 3
½ maanden volop doen.
We landen in Seattle na een perfecte vlucht van 9.5 uur en
bellen de taxichauffeur die ons afgelopen september weggebracht heeft, een
uurtje na de landing staan we al bij de Josmobiel. Onze eerste halte is Walmart, we doen
uitgebreid boodschappen en laten tegelijk een oliewissel bij de Josmobiel doen.
Als alles in de kasten zit is onze pijp uit, we hebben er tenslotte al heel wat
uurtjes op zitten, en we kruipen onder ons dekbed al is het hier nog maar 5 uur
in de namiddag.
We besluiten op ons gemakje naar het Zuiden te rijden en de
kust te volgen tot aan de Mexicaanse grens.
We rijden langs de prachtige kustlijn van Oregon, het donkere weer en de
regen lijken, op één of andere manier, perfect te passen bij het dramatische
landschap. We vinden ’s avonds heel vlotjes een slaapplaats en zijn weer
helemaal aangepast aan het leven in een mobilhome.
Hoe mooi die grijze luchten ook zijn, we zijn toch opgelucht
dat het in California warmer en droger is, de zon geeft steeds meer warmte en
de Oceaan krijgt een schitterende blauwe kleur. We blijven de kust volgen en
steeds als je denkt, nu kan het niet mooier worden dan ligt er achter de
volgende bocht weer zo’n pareltje.
Onderweg zien we een groep zeeleeuwen vissen en dat is zo’n
prachtig schouwspel, echt een gevecht om eten. De zeeleeuwen duiken naar de vis
en jagen die op, langs alle kanten duiken er pelikanen vlakbij de zeeleeuwen
terwijl de altijd aanwezige meeuwen ook een graantje mee willen pikken. Een beetje verder naar het Zuiden ligt een
grote kolonie zeeolifanten, ze hebben hier een aantal stranden geclaimd en
komen hier elk jaar terug om te paren en jongen te krijgen, vorig jaar zijn er
5200 jongen geboren. We blijven heel de namiddag genieten van die logge, dikke
beesten die soms onverwacht snel en behendig blijken te zijn.
We rijden San Francisco binnen over de Golden Gate Bridge,
het feit dat onze kinderen hier een paar weken geleden gelopen hebben maakt
meer indruk op mij dan de stad zelf. We maken een lange wandeling langs het
water maar dan houden we San Francisco voor bekeken.
Als je die afstand van Seattle tot hier in California rijdt
dan is het ongelooflijk dat iemand die afstand loopt. Als we over die bochtige
kustweg rijden met zijn grote hoogteverschillen krijgen we steeds meer respect
voor wat het Via Panam team aan het doen is. Chapeau Weking & Stiaan en
Liesbeth en An.
Los Angeles, Hollywood en Beverly Hills zijn echt niet aan
ons besteed en laten we dan ook wijselijk links liggen. Het uiterste zuiden van
California is druk, dicht bevolkt en er is veel verkeer, we vragen ons hier
dikwijls af hoe Weking en Stiaan hier gelopen hebben door al die drukte. We
hebben het mooiste stuk van de kust duidelijk gehad of je moet houden van
kitscherige villa’s, dan zit je hier goed.
Binnen een paar dagen gaan we de grens over naar Baja, we
kijken echt uit naar de rust en de stilte van Baja maar vooral naar het
weerzien met de kinderen en An en Stiaan.
Abonneren op:
Posts (Atom)